Posts tonen met het label laphroaig. Alle posts tonen
Posts tonen met het label laphroaig. Alle posts tonen
maandag 1 april 2013
winterwhiskyweer
Zaten we vorig jaar met Pasen in tuin of op terras het voorjaar te vieren (dat overigens daarna weer eens vies tegenviel), nu zijn we blij als we niet helemaal gevriesdroogd de warmgestookte woning hebben weten te bereiken. Iedereen is de kou meer dan zat. Het enige voordeel van deze weersomstandigheden is dat je extra lang van de echte winterwhisky’s kunt genieten. Ik heb de laatste tijd een paar mooie van dat type aan m’n collectie kunnen toevoegen. Wat dat betreft kan ik nog wel enkele weken koude trotseren. Naast bijvoorbeeld de Uigeadail en de A’bunadh die al in m’n kast stonden, heb ik vorige week een heel fraaie Laphroaig op de kop getikt: de 13y refill butt (60,1%) van Van Wees’ The Ultimate Whisky Company. Alleen de neus van deze is al, eh…hartverwarmend! De smaak en de afdronk zijn van eenzelfde hoog niveau. Met deze dram smelt je ijsbergen! Hij staat ook niet voor niets op 11 in de top 25 van de whiskybase-shop, bijvoorbeeld.
Ik ben helemaal geen kenner van Ierse whiskey. Een goeie recensie van de nieuwe Connemara Peated Cask strength (58,6%) deed me dan toch maar eens zo’n paddy aanschaffen. En dat viel beslist niet tegen! Stevig, vol en prima in balans. Echt een dram om van te genieten in je natuurstenen huisje op de rand van de kliffen, terwijl de onstuimige, ijskoude Atlantische wind de ramen doet rammelen.
En toch en toch en toch….wordt het verlangen naar de eerste keer dat ik weer op het terras kan zitten met bijvoorbeeld die Auchentoshan van Commitment to Malt , of die gekke groene Glen Garioch van Kintra in de hand met de dag groter!
Labels:
a-bunadh,
auchentoshan,
commitment to malt,
connemara,
Glen Garioch,
kintra,
laphroaig,
uigeadail
vrijdag 2 november 2012
Ambtenaar vindt whisky light uit!
Vandaag weer eens langs geweest bij mijn favoriete whiskyboer, in de Zwaanshals alhier. En thuisgekomen met een 18-jarige Laphroaig die daar in de aanbieding was, en een Caperdonich (mijn eerste) van Van Wees, van 17 jaar. En met een verhaal dat te absurd is om het hier niet te melden.
Ter gelegenheid van het eenjarig bestaan van whiskywinkel Whiskybase.com aan de Zwaanshals in Rotterdam wilden eigenaren Menno en Cees-Jan een bescheiden whiskyfestival organiseren. In een tent op het Noordplein, voor zo’n 200 bezoekers. De tent was geregeld, de verplichte beveiliging, en de Deelgemeente Noord had de nodige vergunningen afgegeven. Wat kon er een geslaagd festival nog in de weg staan? OK, dat de deelgemeente op haar beurt (om redenen van democratische controle, of gewoon bureaucratie) nog bevestiging van de vergunning moest vragen op de Coolsingel kon niet anders dan een formaliteit zijn…Jawel, dat kon dus wel anders dan een formaliteit zijn. De gemeenteambtenaar van dienst (laten we ons maar geen voorstelling van de man of vrouw maken, maar een whiskykenner is het zeker niet) kon akkoord gaan met de verleende vergunningen, op één voorwaarde: de op het festival geserveerde whisky zou verdund moeten worden tot een alcoholpercentage van 15%. Vijftien procent. U leest het goed: de whisky zou verdund moeten worden tot 15%!
Dit vanuit de gedachte dat evenementen waar bier en wijn worden geschonken (en dan hebben we het over alcoholpercentages van tussen de 5 en de 12) al zo vaak uit de klauwen lopen (Haren!). Laat staan als er spul gezopen wordt van 40 tot 65%!. Misschien dacht de ambtenaar zelfs dat hij of zij met zijn/haar 15% dan nog ruimhartig was….
Het whiskyfestival gaat niet door. Zelfs al zouden de whiskybasisten akkoord zijn gegaan (onvoorstelbaar overigens), dan zou er geen sprake geweest kunnen zijn van een whiskyfestival: onder de 40% mag geen enkel gedestilleerd zich nog whisky noemen.
Labels:
caperdonich,
laphroaig,
van wees,
whiskybase
maandag 26 maart 2012
Verdampt!
Onlangs weer eens wezen buurten bij de Whiskybase-shop (en daar natuurlijk niet met lege handen vandaan gekomen: de Highland Park van Archives, Second release en een Longrow Burgundy Wood, wellicht daarover later meer). In gesprek met Cees-Jan passeerden weer eens allerlei whiskywetenswaardigheden de revue. Toen ik vertelde van mijn aanschaf van de Premier Barrel Laphroaig in aardewerken fles, op de 'Peppelweg', leek er een blik van herkenning bij Cees-Jan: 'En aardewerken fles? Keramiek?', vroeg hij. Ja, een retro-ding. Leuk om te zien, maar je kan niet zien hoeveel er nog in zit, bevestigde ik. Daarop zei Cees-Jan dat hij me wat wilde laten zien. Hij verdween in het privédeel van de winkel om kort daarop terug te komen met een duidelijk gevuld blauwfluwelen zakje met goudborduursel. Hij zette het zakje op de toonbank en knoopte het gouden sluitkoordje los: het zakje bleek een blauw aardewerken flesje te bevatten dat gesloten was met een zilveren dop en een zilveren zegel. Het flesje straalde een 19e-eeuwse luxe uit, het British Empire in al zijn glorie en zo...Hier moest wel een heel speciale whisky in zitten! (Dat het om een whiskyfles ging was natuurlijk duidelijk).
Cees-Jan nodigde mij uit het flesje op te tillen, na mij nog eens nadrukkelijk op het onverbroken zegel te hebben gewezen. Ik kreeg nu wel een vermoeden, en dat werd bewaarheid toen ik het flesje ophief: het woog zowat niks! Het was leeg! Dat er ooit iets lekkers in gezeten moest hebben was duidelijk, dat er nu niks meer in zat was ook duidelijk, maar hoe?...Cees-Jan nam de fles over. Hij draaide hem om, en wees op de ongeglazuurde onderrand, de richel waarop de verder geheel geglazuurde fles bij het bakken in de oven had gestaan, lang geleden....ongeglazuurd aardewerk is poreus....in de loop van tientallen jaren is de ongetwijfeld smakelijke inhoud van de fles door die ongeglazuurde rand heen verdampt!
![]() |
| dit is niet de fles die Cees-Jan liet zien |
De fles, zo vertelde Cees-Jan, was in de winkel terechtgekomen door een oudere dame uit de buurt die 'm (met nog wat whisky's in glazen flessen, zo begreep ik) langs was komen brengen.
En ach, over m'n Laphroaig Premier Barrel (bott. Douglas Laing) hoef ik me geen zorgen te maken. Het is een weliswaar jonge (7 jaar) Laphroaig, single cask, van 46%, maar hij heeft wel de karakteristieke rokerigheid van het merk, heeft een volwassen olieachtigheid, smaakt zilt met zoete en kruidige tonen en biedt een lange, prettige afdronk. Dus die is over een jaar al leeg; maar niet door verdamping....
![]() |
| van deze 'decanter' zijn er 366 |
Labels:
archives,
campbeltown,
douglas laing,
highland park,
island,
islay,
laphroaig,
longrow,
peat,
rook,
single cask,
single malt,
smoke,
whisky,
whiskybase
zaterdag 10 maart 2012
Turf en rook
![]() |
| afbeelding gemaakt door schrijver dezes |
Om het ontkiemingsproces van de gerst te stoppen, en dat wil je als je er whisky van wilt maken, moet je de boel verhitten. En dat doe je door de gekiemde gerst in een 'kiln', een soort oven, te stoppen.
En als je dan voor de verhitting een turfvuur gebruikt onder het rooster waar de gekiemde gerst op is uitgespreid, dan leg je de basis voor een peated whisky. Ik hou daar wel van, van die turfwhisky's.
Waar rook is is turf, maar hoeveel?
Volgens mij gaat het bij peated whisky's om twee extra smaakcomponenten: de smaak van de turf en de smaak van de rook. Er zijn 'peated' whisky's waar ik duidelijk de turf in proef, maar nauwelijks iets rokerigs, er zijn er waar veel rooksmaak aan zit, maar nauwelijks iets van turf, en er zijn er waar turf en rook tegelijk om de aandacht strijden. Ik kan me voorstellen dat die turf/rook-smaakverhouding te maken heeft met de felheid van het vuur (heet, veel vlammen en weinig rook, of relatief koel, smeulend met veel rook). En dat zou weer te maken kunnen hebben met de brandbaarheid van het type turf. Maar dat bedenk ik zomaar, dus het kan net zo goed onzin zijn.
Om een voorbeeld te geven van verschillen in de smaakverhouding die ik ervaar: Als ik m'n neus hang boven een Ledaig, dan ruik ik van alles, en heel nadrukkelijk ook 'peat', maar nauwelijks of geen rook. Het eerste aroma dat je boven een Ardbeg of Laphroaig tegemoetkomt is dat van een volle asbak: rokeriger kan bijna niet. Pas daarna ruik je de turf.
Asbakken en zilte turven
De rookgeur en -smaak die ik in whisky's proef is zelf ook weer een samenspel van elementen. Er is het 'standaard' rookaroma, een soort basisgeur die je inderdaad bij asbakken, maar ook bij houtvuren tegenkomt. En aan die basis kunnen dan weer andere geuren en smaken kleven. Zo kon ik onlangs 'rookworst' onderscheiden in een verder weinig rokerige Balblair, en ook niet zo lang geleden proefde ik toch echt gerookte paling.
En dan zijn er de verschillende types turf. Elke streek in Schotland heeft z'n eigen turfsamenstelling, afhankelijk van wat er groeit en bloeit en het soort aarde, en van de beesten die er leven, poepen en sterven, en ook afhankelijk van de invloed van bijvoorbeeld de zee (ziltige grond?).
Meer dan bij de rookwaarneming komen in het turfaspect dan ook de regionale verschillen tot uiting. Om een voorbeeld te geven: Tot nu toe ben ik één keer in Schotland geweest, en wel op de Orkneys. Je hebt daar hoogveengebieden met heide. Je ruikt die heide duidelijk als je er rondwandelt. En in de Highland Park-whisky's, die helemaal niet rokerig maar wel licht turfachtig zijn, ruik ik die heidelucht weer terug.
vrijdag 9 maart 2012
Rotterdamse Whiskyclub
Nou, sinds vandaag ben ik lid van de Rotterdamse Whiskyclub. Klinkt goed, niet?
Deze whiskyclub is een voortzetting van de voormalige Nederlandse Vereniging Commitment to Malt, en daar was ik al lid van, met ledenpas en al.
Maar goed, de Rotterdamse whiskyclub is verbonden aan de G&G-slijterij van Roy van Ams in Schiebroek, en net als de vereniging had, heeft de club soms aardige whiskyaanbiedingen, en eigen bottelingen.
Vandaag dus onder een veelbelovend zonnetje met de tram weer eens naar de Peppelweg, Schiebroek gegaan, met als voorwendsel om m'n ledenpas om te wisselen, en met als verwacht resultaat dat ik nu klaar heb staan om te proeven: een Arran en een Ben Nevis, beide 12 jaar oud en gerijpt op bourbon hogshead, en beide voorzien van het etiket van de Rotterdamse Whiskyclub, en een wat, eh...apart verpakte 7 jaar jonge Laphroaig uit de Premier Barrel-serie van Douglas Laing. Alledrie 46%'ers, dus eigenlijk wat aan de 'lichte' kant voor mij, tegenwoordig...ahum.
Arran heb ik wel eens eerder geproefd, Laphroaig is een oude bekende (maar het gerucht gaat dat deze van DL op sherry heeft gestaan, en die variant zou nieuw voor me zijn); Ben Nevis is nieuw voor mij, maar ik heb in Schiebroek even kunnen snuiven en proeven...daarom dus die fles gekocht.
Deze whiskyclub is een voortzetting van de voormalige Nederlandse Vereniging Commitment to Malt, en daar was ik al lid van, met ledenpas en al.
Maar goed, de Rotterdamse whiskyclub is verbonden aan de G&G-slijterij van Roy van Ams in Schiebroek, en net als de vereniging had, heeft de club soms aardige whiskyaanbiedingen, en eigen bottelingen.
Vandaag dus onder een veelbelovend zonnetje met de tram weer eens naar de Peppelweg, Schiebroek gegaan, met als voorwendsel om m'n ledenpas om te wisselen, en met als verwacht resultaat dat ik nu klaar heb staan om te proeven: een Arran en een Ben Nevis, beide 12 jaar oud en gerijpt op bourbon hogshead, en beide voorzien van het etiket van de Rotterdamse Whiskyclub, en een wat, eh...apart verpakte 7 jaar jonge Laphroaig uit de Premier Barrel-serie van Douglas Laing. Alledrie 46%'ers, dus eigenlijk wat aan de 'lichte' kant voor mij, tegenwoordig...ahum.
Arran heb ik wel eens eerder geproefd, Laphroaig is een oude bekende (maar het gerucht gaat dat deze van DL op sherry heeft gestaan, en die variant zou nieuw voor me zijn); Ben Nevis is nieuw voor mij, maar ik heb in Schiebroek even kunnen snuiven en proeven...daarom dus die fles gekocht.
Labels:
arran,
ben nevis,
commitment to malt,
douglas laing,
gall en gall,
highland,
island,
islay,
laphroaig,
malt,
rotterdamse whiskyclub,
schiebroek,
single malt,
whisky
Abonneren op:
Posts (Atom)







