Posts tonen met het label ledaig. Alle posts tonen
Posts tonen met het label ledaig. Alle posts tonen

zaterdag 12 oktober 2013

Help mee aan whiskydocumentaire!

Een documentaire met als onderwerp (en titel) Nederland whiskyland is in de maak. Lees er op de gelijknamige site meer over. Wij van Singelwhisky zijn in ieder geval zo enthousiast, dat we een bijdrage in de productiekosten hebben overgemaakt. En dat zou elke whiskyenthousiasteling kunnen doen...Er is best nog wel wat geld nodig om de documentaire af te krijgen.

Ledaig

We hebben een zwak voor Ledaig (spreek uit: led-tsjeek): een krachtige, beetje boerse whisky. Naast de fruitige tonen als appel en peer, zijn het vooral de turf, het gras, en wel degelijk de mesttonen die ons aanspreken. Ledaig wordt gestookt in de Tobermory Distillery, de enige distilleerderij op het eiland Mull. Ledaig is de geturfde variant van Tobermory. Van Mull gaat de new spirit eerst naar de Deanston Distillery op het vasteland waar die in de vaten gaat. En vervolgens gaan die vaten naar de opslag van Bunnahabhain op Islay om te rijpen.
Tot nu toe heeft Singelwhisky 6 Ledaigs in huis gehaald, allemaal van onafhankelijke bottelaars. En 5 daarvan krijgen een cijfer rond de 90. Van de zesde (een 15 jaar oude Gordon & MacPhail refill sherry hogshead) zit de fles nog dicht.
De laatste die we proefden is de ook 15 jaar oude Blackadder sherry-but van 62,2%. Goed voor 91 punten!

Op een rijtje:
Archives 2004, First release
Whisky-Doris 2001
Whisky-Fässle 2005, Duck Edition
Commitment to Malt 2005
Gordon & MacPhail 1997, Reserve
Blackadder 1998, Raw Cask

whisky van de maand
heel benieuwd

dinsdag 9 juli 2013

laat maar doorkomen...

Dat het een tijdje stil is geweest op dit blog betekent niet dat ik stil heb gestaan of gezeten op whiskygebied. Integendeel. Tijdens een aantal interessante proeverijen en een bezoek aan L&B whisky café in de hoofdstad, heb ik flink wat bijzondere en/of voor mij nieuwe drammetjes door laten komen. En bij bezoeken aan mijn stamslijterij op de Zwaanshals, maar bijvoorbeeld ook in de Gall&Gall op de Peppelweg heb ik leuke inkopen kunnen doen. En dat mijn verjaardag ook nog voorbij is gewapperd, bracht eveneens een prettige uitbreiding van de inhoud van mijn whiskykast met zich mee. Het aantal flessen wat daarin voorlopig gesloten wordt bewaard, neemt fors toe. Het is niet bij te drinken, om het zo maar eens te zeggen.
Om een idee te geven van wat ik ben tegengekomen, noem ik hier de whisky's die ik waardeerde met 88 punten en meer. Die waardering is dan niet gebaseerd op een enkel proefglaasje (ik ben helemaal niet goed in het op basis van 1 sampletje een gefundeerd cijfer geven; ik moet een whisky daarvoor een paar maal hebben geproefd, dus dan gaat het meestal om spul uit m'n eigen kast).


Ben Nevis, Alembic Classique - 90

Mooie balans tussen sherry en de typische Ben Nevis-tonen. Zacht ondanks de sterkte van 57,1%









Amrut Portonova - 89

Eigenlijk de eerste geslaagde portfinish die ik ken (zoveel heb ik er overigens nog niet gehad). Uit India dus.









 Auchroisk, Asta Morris - 88

Mijn eerste Auchroisk en meteen een schot in de roos: vol, olieachtig en creamy, zelfs al in de neus! Qua mondgevoel voor mij een van de beste whisky's
Bladnoch 2001, lightly peated - 88

Deze kleine Lowland-distilleerderij in privé-eigendom brengt stilletjes vaak heel aardige bottelingen op de markt. Dit is er zeker één van.
 Deanston, Whiskybroker - 88

Deanston heeft niet een echt goede reputatie, maar soms wel een uitschieter. Dit is er een van. En ook nog een prima prijs/kwaliteitverhouding. En mijn eerste Deanston.
Glentauchers, Commitment to Malt - 88

Deze distilleerderij produceert vrijwel uitsluitend voor blends. Er zijn veel en veel meer onafhankelijke bottelingen dan eigen releases. En dit is dus een onafhankelijke (Nederlandse) botteling. Ook weer een eerste kennismaking voor mij. Niet gek!
Ledaig, Commitment to Malt - 88

Ik ben een fan van het bijna worstachtig vette van deze zwaar geturfde whisky. Deze botteling is wat mij betreft ook weer helemaal raak.








een Speyside, Archives - 88

Eentje uit de nieuwe serie van Archives, het label van de mannen achter de whiskybase. Het blijft onder ons, maar men fluistert dat het om een Glenfarclas gaat. In ieder geval een heel mooie botteling, de Archives-range zeker waardig.





donderdag 28 juni 2012

Archives, bekend en verrassend


Afgelopen dinsdag was er weer eens een door de Whiskybase-shop georganiseerde proeverij (of 'tasting' als je in Britse sferen wilt blijven) in Restaurant Branco, Zwaanshals. Rotterdam dus.
Helemaal gewijd aan de 6 'brands' sterke Third release van het eigen (Whiskybase)label Archives. (Ik overweeg nu om maar helemaal op het Engels over te stappen…maar ach, m'n Nederlands is toch beter).
Van eerdere Archivesreleases had ik al de Ledaig, de Glen Garioch, de Highland Park en de Littlemill '89 aangeschaft, en van deze Third staat de Imperial in m'n whiskykastje. Zeer gewaardeerd, allemaal.
Een week of wat geleden had ik in de whiskywinkel van Whiskybasers Menno en Cees-Jan al mogen proeven van de Glenrothes (ook een Third release botteling). Eigenlijk wist ik het toen al wel: ter afsluiting van de Archives-proeverij zou ik een flesje van dat spul meenemen…

En dan is het dinsdagavond en begint de proeverij. Een enthousiast en behoorlijk whiskykundig gezelschap (nee, nee, niet alleen mannen…) buigt zich over de achtereenvolgens uitgeserveerde drams. Smaken verschillen, en zo vindt de een de ene, en de andere de andere botteling de lekkerste. Zo gaat dat natuurlijk. En voor de Islay-liefhebbers (ik ben er een) was het misschien een aanvankelijke teleurstelling dat er geen enkele dram, zelfs geen unpeated, van dat eiland op tafel kwam. Maar wat er wel voor de neuzen werd gezet, deed wat mij betreft Islay voor even vergeten. En aan het begin kregen we meteen te horen dat de Littlemill inmiddels was uitverkocht. Dus dát drammetje zou sowieso uniek zijn vanavond.

Mijn beproevingen

En dan nu een niet chronologische recensie van het gebodene. Met een verrassende conclusie.

  • Laat ik beginnen met de Imperial. Ik had  'm al in huis, en zeer tot genoegen. Ik waardeerde 'm al eerder met 88.
  • En dan die Littlemill maar. Bij de 89'er die ik thuis heb staan ruik ik niet wat ik bij deze 88'er wel degelijk ruik: motorolie, benzine…en nog stevig ook! Heel interessant en met alles wat er na die garageluchten nog doorkomt ook heel complex. En lekker! Maar goed, dit zal de laatste en enige Littlemill 88 Arc-dram zijn geweest die ik ooit proefde.
  • De Longmorn kwam er voor mij niet zo uit. Nou ben ik geen heel subtiele proever (Islay-liefhebber immers!), dus dat kan best daaraan liggen. Ik heb er geen bijzondere herinneringen aan. Niet vies, maar ook niet opvallend lekker.
  • Met de Tomintoul komen we bij de prijzigste van het stel. En ja, hij is zeker een topper. Complex, volwassen,mooie ontwikkeling en goed in balans. Met z'n 42,4% voor mij (weinig subtiele smaak, zoals gezegd) toch wat aan de lichte kant. Al bij al zou ik er geen € 160 voor neerleggen, maar ik kan me voorstellen dat er anderen zijn die dat graag zouden doen.
  • Nu iets vreemds: bij een eerder sampletje van de Glenrothes was ik meteen enthousiast. Dat zou m'n volgende Archives-flesje worden…maar dat werd hij niet. Tijdens de sessie van zeg anderhalf uur waarbij deze als eerste op tafel kwam, werd het aroma eerst steeds 'maritiemer', zoals een medeproever het beschreef (dat ging voor mij van ziltig naar verse mosselen, naar rottend zeewier, en dat dan in overheersende mate), om daarna bijna volledig te verdwijnen. Deze vreemde neus deed de smaak geen goed. Wat een wereld van verschil met die sample van een paar weken eerder! Ik begrijp er nog niet veel van...
  • Jammer, maar dan was er de positieve verrassing in de vorm van de Isle of Jura. Mijn beperkte ervaring met Jura had me vooraf enigszins sceptisch gestemd jegens deze botteling. Heel nieuwsgierig was ik er niet naar. Maar by Jove, wat een ontzettend lekkere en door de tijd steeds maar weer positief verrassende dram! Zo'n beetje om de paar minuten loste de Jura een ander, geraffineerd aroma; de smaak liep hieraan parallel, en de afdronk deed enthousiast mee. De Glenrothes was op slag vergeten, en het was dan ook de Isle of Jura van Archives die ik die avond in mijn fietstas naar huis voerde (en ook nog een Millstone 100 Rye -50%- waarover ik inmiddels ook erg enthousiast ben, maar dit terzijde).


zondag 10 juni 2012

Niet bij te houden


Dan ben je weer eens jarig geweest, en dan is het allemaal nauwelijks meer bij te houden, zeker als je, zoals ik, het bij 1 hooguit 2 drammetjes per dag houdt. En als dan ook nog eens Whiskybase.com met z'n derde Archives-release komt, waarvan ik er in alle bescheidenheid voorlopig dan maar eentje heb aangeschaft, dan kom je tijd te kort. Na m'n verjaardag heb ik tot en met nu dus de taak om:

  • het boek De chemie van Schotse Maltwhisky (Robin Brilleman) te lezen. Zeer interessant en verhelderend. Als je dit boek uit hebt, weet je alles over hoe ze whisky maken, en alles over de aroma's en de smaken van single malts. Ik heb het bijna uit. (klik hier voor de website van het Whisky Informatie Centrum Nederland);
  • de volgende drams te proeven en/of in te boeken: Archives Ledaig, Glen Garioch, Littlemill en Imperial; Aberlour A'bunadh #39; Whiskybrokers Blair Athol 22;  Glenfarclas 105. Of je een emmer leeggooit. Ik ben nog niet uitgeproefd, maar de Archives Littlemill krijgt al 92 punten.
een tijdrovende, maar mooie taak


maandag 23 april 2012

Hoger sferen

Dat je van whisky in hoger sferen kunt geraken moge bekend zijn. Dat whisky zelf ook in hoger sferen terecht kan komen, was mij in ieder geval nog niet bekend. En natuurlijk is het een Ardbeg die dit heeft gepresteerd. Zie dit berichtje uit de Volkskrant van afgelopen zaterdag:
Volkskrant, 21-4-12, Wetenschapskatern


Ik heb geen enkel idee waarom whisky beter zou worden van een zwaartekrachtloze opslag. Volgens mij gewoon een reclamestunt. Zijn ze bij Ardbeg niet vies van. Ik weet niet hoeveel cc aan Ardbeg in het ISS is gelagerd, maar veel zal het niet wezen. Maar de prijs die liefhebbers straks neer moeten leggen voor een sampletje Ardbeg Space of Gravityless zal ongetwijfeld astronomisch hoog zijn!

Vorige aanschaffen in het kort
De Bladnoch 19 bevalt zeer goed. Wat de nose belooft, maakt de palate zeker waar. De sherry is zeker aanwezig, maar niet opdringerig. Je drinkt met deze Bladnoch wel degelijk een whisky. En een goeie! Ik geef 'm 89 punten, en ga me wat meer in de lowland-types verdiepen.

Tja, en dan de Ledaig van Archives. Blijft steeds maar in mijn achting stijgen. Een heel eigen smaak; stevig en zacht, fris, mild, zoet en vette turf, van alles bij elkaar en goed in balans. Ik drink 'm zo, geen druppel water erbij. Wat ik eerder al zei: voor die prijs de Beste Koop!

zaterdag 14 april 2012

Serious business


Vlak voor ik met dit blog begon, bouwde ik een website, singelwhisky. Meer een experiment voor mezelf om te kijken hoe het werkt met de nieuwe webstandaard HTML5 (trekt u zich, lezer, hier verder niets van aan). Om de site wat inhoud te geven, greep ik terug op een van m'n geliefde onderwerpen: whisky. Heel veel had de site niet om 't lijf, nog minder eigenlijk dan dit blog, dat van het begin af aan dan wel weer ernaar linkt.
Maar, om kort te gaan, om m'n HTML5-ervaring verder op te schroeven, heb ik inmiddels een pagina met wat meer whiskyinhoud aan singelwhisky toegevoegd: Hoe maken ze whisky? En andere vragen…
webpagina 'Hoe maken ze whisky? En andere vragen...'

Verse aankopen
En vandaag een Bladnoch 19 year gekocht, waarvan het plakkertje '19'  scheef op 't label zit. En m'n tweede Ledaig van Archives. Die staat in mijn toplijstje van beste prijs/kwaliteitsverhouding, of 'Beste koop', om met de Consumentenbond te spreken.

zaterdag 10 maart 2012

Turf en rook

afbeelding gemaakt door schrijver dezes

Om het ontkiemingsproces van de gerst te stoppen, en dat wil je als je er whisky van wilt maken, moet je de boel verhitten. En dat doe je door de gekiemde gerst in een 'kiln', een soort oven, te stoppen.
En als je dan voor de verhitting een turfvuur gebruikt onder het rooster waar de gekiemde gerst op is uitgespreid, dan leg je de basis voor een peated whisky. Ik hou daar wel van, van die turfwhisky's.

Waar rook is is turf, maar hoeveel?
Volgens mij gaat het bij peated whisky's om twee extra smaakcomponenten: de smaak van de turf en de smaak van de rook. Er zijn 'peated' whisky's waar ik duidelijk de turf in proef, maar nauwelijks iets rokerigs, er zijn er waar veel rooksmaak aan zit, maar nauwelijks iets van turf, en er zijn er waar turf en rook tegelijk om de aandacht strijden. Ik kan me voorstellen dat die turf/rook-smaakverhouding te maken heeft met de felheid van het vuur (heet, veel vlammen en weinig rook, of relatief koel, smeulend met veel rook). En dat zou weer te maken kunnen hebben met de brandbaarheid van het type turf. Maar dat bedenk ik zomaar, dus het kan net zo goed onzin zijn.
Om een voorbeeld te geven van verschillen in de smaakverhouding die ik ervaar: Als ik m'n neus hang boven een Ledaig, dan ruik ik van alles, en heel nadrukkelijk ook 'peat', maar nauwelijks of geen rook. Het eerste aroma dat je boven een Ardbeg of Laphroaig tegemoetkomt is dat van een volle asbak: rokeriger kan bijna niet. Pas daarna ruik je de turf.

Asbakken en zilte turven
De rookgeur en -smaak die ik in whisky's proef is zelf ook weer een samenspel van elementen. Er is het 'standaard' rookaroma, een soort basisgeur die je inderdaad bij asbakken, maar ook bij houtvuren tegenkomt. En aan die basis kunnen dan weer andere geuren en smaken kleven. Zo kon ik onlangs 'rookworst' onderscheiden in een verder weinig rokerige Balblair, en ook niet zo lang geleden proefde ik toch echt gerookte paling.
En dan zijn er de verschillende types turf. Elke streek in Schotland heeft z'n eigen turfsamenstelling, afhankelijk van wat er groeit en bloeit en het soort aarde, en van de beesten die er leven, poepen en sterven, en ook afhankelijk van de invloed van bijvoorbeeld de zee (ziltige grond?).
Meer dan bij de rookwaarneming komen in het turfaspect dan ook de regionale verschillen tot uiting. Om een voorbeeld te geven: Tot nu toe ben ik één keer in Schotland geweest, en wel op de Orkneys. Je hebt daar hoogveengebieden met heide. Je ruikt die heide duidelijk als je er rondwandelt. En in de Highland Park-whisky's, die helemaal niet rokerig maar wel licht turfachtig zijn, ruik ik die heidelucht weer terug.

zondag 19 februari 2012

Proefproblemen

Van sommige whisky's vind ik het best lastig te zeggen wat ik er van vind. Lekker of juist niet? Nemen of juist niet?…Dat is bijvoorbeeld het geval met de 1983 Dailuaine van Archives, First release. Ik heb na 2 geheel kosteloos ter beschikking gestelde sampleflesjes nog geen goed oordeel over deze 28 jaar oude malt. Als ik zo de scores op whiskybase.com bekijk en de tasting notes, dan ligt dat duidelijk aan mij. Deze Dailuaine (spr. uit: deelJOE-an) komt er echt goed uit. Met de smaak is blijkbaar niks mis.
Maar ik proef het niet. Wat ik proef is eikenhout, en niet veel meer.
Ik ben waarschijnlijk niet zo'n heel subtiele proever. Al eerder merkte ik dat ik sommige whisky's pas na de 6e of 7e slok op waarde kan schatten. Of ook de ene dag wel en de andere dag niet.
de 2 proefflesjes


Misschien mis ik iets heel fijns door deze Archives niet te kopen, maar ik vind € 85 net te veel om een gok te wagen. En met de Ledaig en de Glen Garioch uit de First release-serie van Archives heb ik in ieder geval al wel 2 schoten in de roos in huis gehaald. Prima whisky's allebei! En dat proefde ik dan wel weer aan de samples af….Ik begrijp gewoon niet hoe mijn smaak werkt!