zaterdag 7 april 2012

Beugelfles best goed idee


Hoe smaakt Bretonse whisky?
Eerst even terugkomen op de Bretonse Kornog. Dit heb ik erover genoteerd op whiskybase.com:
A pleasant surprise, this Breton whisky. A very rich nose (fruity, peaty, smoky and slightly salty) and a pleasantly mouth filling taste where the sauternes finish only acts in the background (fruity sweetness). Together with the long, warm and spicy finish makes this a sophisticated whisky.
En ik waardeer deze Franse whisky met 90 punten. Een ontdekking hoor!

Een goed idee...?
En dan nu een best wel goed idee van mezelf. Bij de 'verantwoorde' keuken- en tuinspullenwinkel Dille & Kamille (in diverse steden, maar niet in A'dam) zijn beugelflesjes in diverse maten verkrijgbaar. Met het oog op een selecte proeverij die ik ooit organiseerde, kocht ik een aantal 10 cl flesjes die ik dan vulde met nieuw aangeschafte whisky's die ik wilde laten proeven. Uit een zo'n flesje haal je dan 4 goeie drams. Er zijn ook flesjes van 5 cl. En die zijn heel goed bruikbaar voor het bewaren van het bodempje uit een van je betere flessen. Welk van de 2 formaten ook: vullen (ik gebruik daarvoor een roestvrij stalen trechtertje, ook van D&K), etiketje erop (strookje papier met plakband voldoet) en ziedaar, een mooi sample-flesje!

flesje van 10 cl

vrijdag 6 april 2012

Van Islay-proeverij thuiskomen met Breton


Afgelopen woensdag, 4 april, was het zover: m'n tweede proeverij van Whiskybase.com Weer in restaurant Branco Zwaanshals en nu in het teken van Islay (yes!). Op de fiets, onderweg naar de (of is 't 'het'?) Zwaanshals, verkneukelde ik me over wat ik zou gaan proeven (die bijna mythologische Port Ellen bijvoorbeeld) en over het flesje dat ik na afloop zou aanschaffen. Dat stond nog open (wat 't zou worden dan, niet dat flesje), maar een toepasselijke Islay, dat lag toch wel voor de hand.

De door Cees-Jan en Menno weer enthousiast gepresenteerde proeverij was een succes. Ik geloof dat alle ongeveer 20 gasten, van whiskybeginner tot gevorderde drammer, een prima avondje hadden. De mooie selectie van 6 Islay's droeg daar goed aan bij.
(kijk voor de proeflijst hier). Aan het eind van de proeverij liep ik als eerste met Menno naar de overkant om in de winkel af te rekenen. Ik dubde of het de gesherryde Caol Ila of de stiekeme Port Charlotte zou worden, beide zojuist geproefd en beide rond de € 100, die ik als trofee mee naar huis zou nemen. Een beetje napratend in de winkel kwamen we in gesprek over de nieuwe aanwinsten van Whiskybase. En daarmee op een Franse, of beter, Bretonse whisky die al zeer goede recensies had gekregen: de Kornog van Glann Ar Mor. Nog geen € 60. Waarom nou precies weet ik niet, maar ineens moest die het voor me worden! En dus was het de Bretonse Kornog die even later in m'n fietstas verdween. Was dit een goeie keus….?
Glann ar Mor, Kornog
geturfd, 46%

zaterdag 31 maart 2012

Kwartje valt bij 46%


En weer is er vandaag een whiskykwartje bij me gevallen.
Zoals het ook bij vele andere whiskyliefhebbers zal zijn opgevallen, is het mij niet ontgaan dat steeds meer 'standaard' whisky's op 46% sterkte worden afgeleverd. Ook types die voorheen op 40% zaten. De verklaring die ik wel hoorde, dat de producenten daarmee tegemoet willen komen aan een grotere vraag naar sterker spul, klonk mij niet onlogisch in de oren, maar, zo bleef het bij mij knagen, waarom dan precies op die 46%? Als het onder invloed was van de door mij zeer gewaardeerde trend om op cask strength te bottelen, dan zou 50% en meer toch beter in de lijn liggen. Maar precies 46%….? En dan lees ik vandaag, op www.whiskyforeveryone.com, een site die ik zeer kan aanbevelen, een uitleg over het 'chill filtering'. Waarom wordt whisky, en zeker alle blends, vaak 'koud' gefilterd? Omdat er in whisky van 't vat allerlei stofjes als vetzuren en eiwitten zitten, die de drank vertroebelen als je er ijs of water bij doet. En sommige consumenten vinden dat een onprettig gezicht of zo…In ieder geval zijn er producenten, best wel veel eigenlijk, die die stofjes er dan voor hun geliefde consumenten uit filteren. En dat kan alleen door de whisky tot op of zelfs onder het vriespunt af te koelen: bij die temperaturen gaan de opgeloste stofjes klonteren. Vervolgens wordt de diepvrieswhisky door metalen zeven geperst om de microklontjes eruit te filteren. 'Chill' filteren dus.

Nu zijn er ook consumenten die menen dat het de smaak van whisky niet ten goede komt als je er stofjes uithaalt en 'm ook nog eens op grove wijze mishandelt. Ik kan me daar alles bij voorstellen! Ook aan deze consumenten willen de producenten natuurlijk tegemoet komen. Zij gooien met trots hun 'unchillfiltered' of 'non-chillfiltered' soorten op de markt. Goh, wat zijn ze toch authentiek bezig, denk je dan. Zeker. Het is dan als consument wel handig te weten dat bij whiskysterktes vanaf een bepaald percentage, om chemisch-natuurkundige redenen, sowieso geen vertroebeling kan optreden, dus sowieso geen filtering nodig is. En dat percentage is…..jawel, het kwartje, dat percentage is 46!

maandag 26 maart 2012

Verdampt!


Onlangs weer eens wezen buurten bij de Whiskybase-shop (en daar natuurlijk niet met lege handen vandaan gekomen: de Highland Park van Archives, Second release en een Longrow Burgundy Wood, wellicht daarover later meer). In gesprek met Cees-Jan passeerden weer eens allerlei whiskywetenswaardigheden de revue. Toen ik vertelde van mijn aanschaf van de Premier Barrel Laphroaig in aardewerken fles, op de 'Peppelweg', leek er een blik van herkenning bij Cees-Jan: 'En aardewerken fles? Keramiek?', vroeg hij. Ja, een retro-ding. Leuk om te zien, maar je kan niet zien hoeveel er nog in zit, bevestigde ik. Daarop zei Cees-Jan dat hij me wat wilde laten zien. Hij verdween in het privédeel van de winkel om kort daarop terug te komen met een duidelijk gevuld blauwfluwelen zakje met goudborduursel. Hij zette het zakje op de toonbank en knoopte het gouden sluitkoordje los: het zakje bleek een blauw aardewerken flesje te bevatten dat gesloten was met een zilveren dop en een zilveren zegel.  Het flesje straalde een 19e-eeuwse luxe uit, het British Empire in al zijn glorie en zo...Hier moest wel een heel speciale whisky in zitten! (Dat het om een whiskyfles ging was natuurlijk duidelijk).
Cees-Jan nodigde mij uit het flesje op te tillen, na mij nog eens nadrukkelijk op het onverbroken zegel te hebben gewezen. Ik kreeg nu wel een vermoeden, en dat werd bewaarheid toen ik het flesje ophief: het woog zowat niks! Het was leeg!  Dat er ooit iets lekkers in gezeten moest hebben was duidelijk, dat er nu niks meer in zat was ook duidelijk, maar hoe?...Cees-Jan nam de fles over. Hij draaide hem om, en wees op de ongeglazuurde onderrand, de richel waarop de verder geheel geglazuurde fles bij het bakken in de oven had gestaan, lang geleden....ongeglazuurd aardewerk is poreus....in de loop van tientallen jaren is de ongetwijfeld smakelijke inhoud van de fles door die ongeglazuurde rand heen verdampt!
dit is niet de fles die Cees-Jan liet zien

De fles, zo vertelde Cees-Jan, was in de winkel terechtgekomen door een oudere dame uit de buurt die 'm (met nog wat whisky's in glazen flessen, zo begreep ik) langs was komen brengen.
En ach, over m'n Laphroaig Premier Barrel (bott. Douglas Laing) hoef ik me geen zorgen te maken. Het is een weliswaar jonge (7 jaar) Laphroaig, single cask, van 46%, maar hij heeft wel de karakteristieke rokerigheid van het merk, heeft een volwassen olieachtigheid, smaakt zilt met zoete en kruidige tonen en biedt een lange, prettige afdronk. Dus die is over een jaar al leeg; maar niet door verdamping....
van deze 'decanter' zijn er 366

maandag 19 maart 2012

Jong en oud in de whiskyclub


Toeval of niet, in de eerste serie bottelingen van de Rotterdamse Whiskyclub (Commitment to Malt) zit het jongste merk van Schotse single malts, Arran (Island), en een van de oudste merken, Ben Nevis (Highland).
En nou denk ik dat ik dat kan proeven....dat verschil in leeftijd van het merk.
Het gaat bij allebei de flessen om 12 jaar oude, op bourbon hogshead gerijpte single malts van 46%. Dus prima vergelijkbaar.
Begin ik met de Arran. Eerste indruk is een 'typische' zomerwhisky…fris en fruitig, misschien een beetje scherp. De afdronk is niet overdreven lang. Nou ben ik geen grote detailproever, kan nog wel eens een nuance missen, maar bij deze Arran proef ik dat er meer in zit; ik krijg het er alleen niet echt uit. Misschien is het alleen de belofte van complexiteit die ik proef en moeten we nog een jaar of wat wachten tot de Arran Distillery (opgericht in 1995) echt volwassen is geworden?
Tot volle wasdom is in ieder geval Ben Nevis al gekomen. Althans, dat meen ik uit de eerste drams die ik nu van dit merk heb geproefd te mogen opmaken: een volle, ronde neus en smaak. Zoetig. Het hout komt mooi naar voren, met alle eikentonen die daar bij horen; lange, prettige afdronk. Een soort modelwhisky die door lange ervaring (Ben Nevis stamt uit 1825!) een robuust evenwicht heeft gevonden. Een whisky die je iemand die nog nooit een single malt heeft gedronken ter kennismaking zou voorzetten. Maar daartegenover staat dan, vind ik, dat in ieder geval deze Ben Nevis niet echt iets bijzonders heeft. Iets meer karakter had voor mij wel gemogen.

Mijn rapportcijfers, voor wat ze waard zijn: Arran 82, Ben Nevis 84.
heel aardige whisky's, maar misschien iets meer karakter...?